Zoek cursussen
Vul één of meerdere velden in

B1 Threshold 1 (niveau 3)

Threshold 1 mondeling

Voor wie?

Je hebt een certificaat van Waystage mondeling (niveau 2) behaald of je hebt een instaptest gedaan.

Wat leer je?

  • Je kan informatie vragen en geven in een winkel, bv meubelwinkel
  • Je kan spreken over problemen in jouw woning en info geven over je woning
  • Je kan een gesprek voeren met een huisbaas en een klacht formuleren.
  • Je kan telefoneren om informatie te krijgen bij een zoekertje
  • Je kan zeggen wat je graag doet en welke job iets voor jou is
  • Je kan je mening geven over hoe iemand eruitziet
  • Je kan een verhaal vertellen over een bezoek
  • Je kan informatie delen over gemeentediensten
  • Je kan met nuance zeggen wat je van iets vindt
  • Je kan kritiek geven en reageren op kritiek
  • Je kan afspraken maken over de verdeling van het werk
  • Je kan bellen om info te vragen of om iets te reserveren
  • Je kan aan tafel eenvoudige dingen vragen
  • Je kan over de toekomst spreken en over jouw leven
  • Je kan iemand verwelkomen en interesse tonen

Hoe lang?

40 uur, 60 uur of 90 uur

Waar?

Threshold 1 schriftelijk

Voor wie?

Je hebt een certificaat van Waystage schriftelijk (niveau 2)  behaald of je hebt een instaptest gedaan.

Wat leer je? 

  • Je kan kort reageren op een Facebookbericht
  • Je kan een eenvoudig huurcontract lezen, aanvullen en interpreteren
  • Je kan een advertentie voor een woning lezen en erop reageren
  • Je kan een handleiding en instructies lezen
  • Je kan in een mail lezen en noteren hoe iemand woont
  • Je kan een mail schrijven over je verhuizing
  • Je kan adjectieven correct schrijven
  • Je kan een plaatsbeschrijving lezen en interpreteren
  • Je kan een uitnodiging van de VDAB lezen en begrijpen
  • Je kan een mail schrijven om te solliciteren
  • Je kan lezen en schrijven over een gebeurtenis van vroeger
  • Je kan een eenvoudige brief of mail naar de gemeente schrijven
  • Je kan basiswerkwoorden in het imperfectum gebruiken
  • Je kan “gaan” en “zullen” gebruiken voor de toekomst

Hoe lang? 

40 uur, 60 uur of 90 uur

Waar?